woensdag 30 mei 2012

Look back in anger: klassenoorlog onder een mansardedak



Op 8 mei 1956 speelt een klein maar ambitieus theatergezelschap in het Londense vestzaktheater “Royal Court” voor het eerst een stuk van de dan totaal onbekende theaterschrijver John Osborne. Met “Look back in anger” gaat de jonge Osborne frontaal in de aanval tegen het gezapige Britse theater van net na de Tweede Wereldoorlog. Maar achter het bravado van zijn nieuwe working class realisme worstelt Osborne met autobiografische demonen.

Look back in anger is het verhaal van de 25-jarige Jimmy Porter en zijn vrouw Alison. Samen met de goeiige Welshman Cliff betrekken ze een zolderappartement in een grauw Brits industriestadje. Met Cliff als enige toeschouwer voeren Alison en Jimmy hun dagelijkse drama op. Jimmy, een selfmade intellectueel die zich laat voorstaan op zijn working class – ethos, werkt zijn frustraties uit op zijn vrouw, die hij enkele jaren eerder ontrukt heeft aan haar upper-class milieu. Het koppel leeft samen in een sfeer van gewapende vrede: de minste aanleiding is voor Jimmy genoeg om in een tirade te ontsteken tegen zijn vrouw en alles waar ze voor staat. Ze lijken enkel tot affectie in staat door in de rol te kruipen van de knuffels die ze op de vensterbank hebben staan: in de zeldzame momenten waarop Alison de sierlijke eekhoorn, en Jimmy de grommende beer speelt, is er plaats voor harmonie.

Het evenwicht in huis wordt grondig verstoord wanneer Alisons vriendin, de repertoire-actrice Helena, voor een tijdje bij de Porters intrekt. In Helena vindt Jimmy voor het eerst een waardige tegenstander; Cliff en Alison laten zich nog te gemakkelijk door Jimmy de mond snoeren, maar Helena bijt al eens terug. Wanneer Alison zwanger blijkt te zijn, besluit Helena Alisons ouders in te lichten, om haar aan haar man te helpen ontsnappen. Het zal Helena en Jimmy niet beletten om, na een vlammende ruzie, een affaire met elkaar te beginnen. Tot Alison onverwacht terugkeert.

Doorheen de jaren hebben de eerste opvoeringen van Look back in anger een mythische status gekregen, waarbij de historische waarheid over het initiële succes van het werk wat geweld wordt aangedaan. Dat neemt echter niet weg dat het stuk effectief een schokgolf door het naoorlogse Britse theaterlandschap jaagt.  It isn’t hard to see why.

Eetkamerdrama

Het Britse repertoiretheater is in de jaren na de Tweede Wereldoorlog niet wat je noemt een inspirerend gebeuren. Het Londense West-End, het centrum van het commerciële theater, lijkt vooral te willen aansluiten bij de vooroorlogse traditie. Namen als Terrence Rattigan en Noel Coward maken er de dienst uit. Keurig melodrama heeft de voorkeur. Steevast is de setting de woonkamer van een deftig middenklassehuis in een niet nader benoemde voorstad (door criticasters schertsend Loamshire genoemd), waarbinnen de protagonisten met stiff upper lip hun intriges uitvechten. In de provincie dragen reizende repertoiregezelschappen die thematiek en vormtaal verder uit.


Wanneer Osborne zijn pijlen richt op die traditie, doet hij dat met kennis van zaken. Vooraleer de Londense English Stage Company hem onder de vleugels neemt, heeft hij er een decennium opzitten als acteur en manager in uitgebluste repertoiregezelschappen die eindeloze tournees ondernemen doorheen de Britse provincie. Osborne kent de zwakke plekken van het genre door en door; hij heeft ze met eigen ogen kunnen vaststellen, hij heeft ze, met een houding tussen cynisme en gelatenheid, voor een klein deel mee geïncarneerd als acteur. Osborne betaalt zijn leergeld cash; hij schrijft en brengt begin jaren ’50 zonder veel succes enkele juvenalia. In 1955 schrijft hij echter in enkele weken tijd, Look Back in Anger, dat tot zijn eigen stomme verbazing wordt opgepikt door Royal Court theatre.

Angry and … helpless

Het Britse theaterlandschap zal nooit meer hetzelfde zijn. Nochtans blijft het theaterstuk ver weg van de brechtiaans geïnspireerde vormvernieuwing en vervreemdingseffecten die elders in Europa en de Verenigde Staten door het theater woelen – al zal Osborne ze in latere stukken wel tot de zijne maken. Look back in anger is, althans wat de compositie betreft, een klassieke drie-akter in de realistische traditie. Osbornes revolutie is een kwestie van taalgebruik en stijl, van decor en subject matter, niet zozeer van vorm.
De elementen van het toneelstuk zijn afwijkend, maar tegelijkertijd herkenbaar genoeg om Osbornes revolutie aanschouwelijk te maken bij het publiek. De setting, een morsige zolderkamer in de Midlands, is een travestie van de klassieke opgeruimde huiskamer waaraan het repertoire-publiek zich verwacht – en net daardoor raken de toeschouwers zo van de kook.  Zelfs Allisons zwangerschap is, ondanks de noodlottige afloop,  een klassieke trope uit het repertoiretheater. Osborne bevecht de traditie door te opteren voor de subversie van elementen die duidelijk de vormtaal van het vermolmde Britse repertoiretoneel echoën. Hij zet de revolte nog extra in de verf door Helena neer te zetten als een actrice die carrière probeert te maken met dat soort theaterstukken.

Ook het loutere feit dat Osbornes personages niet allemaal tot de midden – of opperklasse behoren – met uitzondering van Allison en misschien Helena – is anno 1956 voldoende om een rel te veroorzaken. Volgens de legende was de loutere aanblik van de strijkplank waarachter Allison staat aan het begin van het stuk, voldoende om voor verontwaardiging te zorgen; dergelijke dagdagelijkse attributen hadden geen plaats in het decor. De socio-kritische overtonen van de revolutie die Look Back in Anger teweeg brengt, zijn niet te onderschatten.

Huis clos

De klassenstrijd onder het mansardedak is in Look Back in Anger echter  niet zozeer een sociaal-economische, maar wel een psychologische strijd. Osborne reserveert het podium voor zijn hoogstpersoonlijke huis clos, voortgestuwd door Porters erupties van vitriool. Het feit dat het hele stuk zich in één en dezelfde kamer afspeelt, vaak op landerige zondagnamiddagen waarop zelfs de pub niet open is, versterkt nog die indruk van not getting anywhere: daarbuiten, zo wordt gesuggereerd, is er toch niets te beleven, in het uitgeputte Groot-Brittannië van de jaren ‘50De peripetieën in het verhaal – Jimmy en Cliffs wedervaren op de markt, de dood en begrafenis van Mrs. Tanner, Allisons miskraam -  spelen zich niet op de bühne af, maar worden via omwegen in het stuk binnengesmokkeld; de tekst bevat een hele hoop expository dialogue.

De benauwde setting waarin Jimmy Porter loos gaat, zorgt echter ook voor een van de zwakkere punten van het stuk. Kritische lezers zien Look back in anger vaak niet als een coherent toneelstuk, maar een opeenvolging van histrionische, meedogenloze monologen van een losgeslagen hoofdpersonage. De andere personages krijgen, op Alisons slotmonoloog na, amper de tijd om te ademen. Wie met het stuk aan de slag wil, wordt dan ook geconfronteerd met de moeilijkheid dat een al te gretige hoofdacteur zijn medespelers als het ware van het podium speelt. Osborne zelf was verheugd over de opvoering die Judi Dench in 1989 realiseerde, met Kenneth Branagh als een opvallend kwetsbare Jimmy Porter. “He’s the first one to take the rant out of Jimmy Porter,” liet Osborne zich ontvallen. Maar hoe summier de karaktertekening van de andere personages ook is, met enige handigheid zijn ze op andere manieren tot leven te brengen dan de wel erg passieve rol die ze louter tekstueel toegemeten krijgen. In modernere opvoeringen wordt immers duidelijk dat Alison haar stilzwijgen op cruciale momenten in het verhaal als een efficiënt wapen gebruikt; klassenoorlog en strijd der seksen lopen onder het mansardedak al eens door elkaar.

Bovendien kan de toeschouwer zich niet van de indruk ontdoen dat de verzoening aan het einde slechts van korte duur zal zijn. Jimmy en Alison komen slechts nader tot elkaar in een laatste spelletje eekhoorns-en-beren, en het doek valt. Je kunt je als kijker niet van de indruk ontdoen dat je slechts toeschouwer bent geweest bij één, weliswaar bewogen, episode uit dit destructieve huwelijk.

The original angry young man

Wie met Look back in anger aan de slag wil, kan niet voorbij aan de autobiografische twist van het toneelstuk. Jimmy Porter en John Osborne zitten elkaar bij momenten dicht op de huid. De naam van het hoofdpersonage geeft al veel weg. Een tak van Osbornes familie aan moederszijde droeg de naam Porter. James (“Jimmy”) is Osbornes middelste naam; in zijn lagereschooltijd signeert hij de omslag van zijn schoolboeken als J. James Osborne. En Jimmy Porters denkbeelden over de stugge klasseverhoudingen in het naoorlogse Engeland lijken wel erg letterlijk op de denkbeelden van een zekere J. Osborne.
Sommige scènes tussen Jimmy en Allison zijn bovendien gebaseerd op episodes uit Osbornes wankele eerste huwelijk met de actrice Pamela Lane (Osborne zou in totaal vijf keer trouwen). Net zoals het echtpaar Porter, vechten Osborne en zijn eerste echtgenote jarenlang een bittere klassenstrijd uit, intussen verwoed proberend om aan de bierkaai te ontsnappen. Ook de plannen van Lane’s familie om Osborne te compromitteren vinden hun weg naar de tekst.

Osborne smokkelt echter ook zijn persoonlijke trauma’s in het stuk. Als kleine jongen was hij getuige van de langgerekte doodsstrijd die zijn vader leverde ten gevolge van tuberculose. De gebeurtenis, en vooral de botte manier waarop zijn familie de zaak afhandelt, tekent Osborne voor de rest van zijn leven. Osbornes persoonlijke trauma vindt zijn weg naar de tirades van Jimmy Porter: wanneer Jimmy moet merken dat Alison steeds meer onder Helena’s invloed komt te staan, lijkt zijn anders onvermoeibare talent voor tirades stil te vallen. In een lang terzijde vertelt Jimmy over de maanden die hij doorbracht aan het sterfbed van zijn vader. Osborne en Porter spreken op dat ogenblik als het ware uit één mond: “I learned at an early age what it was to be angry. Angry and helpless,” besluit een uitgeputte Jimmy. Het is meteen een van de weinige ogenblikken in het hele theaterstuk waarin de toeschouwer een verklaring kan vinden voor Porters manische woede.


Maar niet alleen in de tekst, ook in de realisatie van het stuk lopen de levens van Osborne en zijn creaties weleens door elkaar. Wanneer het stuk in première gaat, is Osborne zelf zowaar reserve-acteur voor het personage van Jimmy Porter. Later wordt de verhouding tussen biografie en toneelstuk nog vreemder, wanneer Osborne trouwt met actrice Mary Ure: de schrijver van Look Back in Anger trouwt met de vrouw die in het stuk de rol opneemt van Alison, voor wie zijn eerste echtgenote model stond. En Pamela Lane zal jaren later de rol aangeboden krijgen van Helena: om Alison te spelen – nochtans het personage dat op haar gebaseerd is -  wordt ze niet geschikt bevonden.

Osborne wordt gebombardeerd tot Original Angry Young Man, een rol die hij met verve zal blijven vervullen tot aan zijn dood op kerstavond 1994. Op dat ogenblik is Osborne al jaren uit de mode bij het Britse theaterpubliek. Maar zijn impact op het naoorlogse theater is nauwelijks te onderschatten.


Further Reading:
John Osborne: Look Back In Anger, London, Faber & Faber, 1957
Osborne, John (1982). A Better Class of Person: An Autobiography, 1929-56 (paperback edition). Penguin Books Ltd. ISBN 978-0-14-006288-5.
Osborne, John (1991). Almost a Gentleman: An Autobiography, 1955-66 (paperback edition). Faber & Faber. ISBN 0-571-16635-0.

Heilpern, John: A Patriot for us, Vintage, 2006 (biografie)

Richardson, Tony : Look back in anger; film gebaseerd op het toneelstuk, uit 1958. Met Richard Burton, Mary Ure en Claire Bloom

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen